‘De volgende stap in industrialisatie draait niet om méér fabrieken’
De Nederlandse bouwsector heeft de afgelopen jaren fors ingezet op industrialisatie. Prefab, robotisering en nieuwe woningfabrieken schieten als paddenstoelen uit de grond. Volgens Dorien Staal, directeur Virtual Factory bij Dura Vermeer, is het tijd voor een volgende stap. Niet door nog meer fabrieken te bouwen, maar door de productiecapaciteit die Nederland al heeft slimmer met elkaar te verbinden.
De woningbouw staat voor een stapeling van uitdagingen. Er moeten honderdduizenden woningen worden gebouwd, terwijl de beschikbaarheid van vakmensen afneemt. Tegelijkertijd groeit de druk om betaalbaar te bouwen en de CO₂-uitstoot terug te dringen. Industrialisatie is volgens Staal daarom geen keuze meer, maar een noodzakelijke ontwikkeling.
Industrialisatie vraagt om een nieuwe blik
“De afgelopen jaren is industrialisatie vooral benaderd vanuit productie: meer prefab, grotere fabrieken en verdere automatisering. Dat heeft de sector veel gebracht. Maar de volgende stap ligt wat mij betreft niet in nóg meer productiecapaciteit. Die ligt in het slimmer organiseren van de capaciteit die Nederland al heeft.”
Volgens Staal wordt de kracht van de Nederlandse maakindustrie nog te vaak onderschat. Over het hele land beschikken gespecialiseerde organisaties over hoogwaardige kennis, geautomatiseerde productielijnen en jarenlange ervaring.
“We hebben honderden producenten, vaak familiebedrijven, die generaties lang hebben geïnvesteerd in vakmanschap, innovatie en automatisering. Daar zit enorm veel kennis. Waarom zouden we die niet optimaal benutten?” Waar veel marktpartijen investeren in een eigen fabriek, kiest Dura Vermeer bewust voor een andere koers. Niet de fabriek, maar de woningbouwopgave staat centraal.
De opgave bepaalt de oplossing
“De opgave bepaalt welke oplossing het beste past. Soms is dat beton, soms hout en steeds vaker een slimme hybride combinatie. Niet het materiaal is leidend, maar wat een locatie, opdrachtgever en toekomstige bewoners nodig hebben.”
Die gedachte vormt de basis van de Virtual Factory, een digitaal verbonden netwerk van partners waarin ontwerp, engineering, productie en uitvoering nauw met elkaar samenwerken. Het gaat nadrukkelijk niet om één fysieke productielocatie, maar om een manier van organiseren.
Ontwerpen begint met samenwerken
“Virtual Factory is geen fysieke woningfabriek. Het is een netwerk waarin we de kennis en capaciteit van samenwerkingspartners intelligent verbinden. Zo kunnen we per project kiezen voor de oplossing die het beste past.”
Die samenwerking begint al tijdens het ontwerp. Deze partners worden niet pas betrokken wanneer de tekeningen gereed zijn, maar denken vanaf de eerste schets mee over maakbaarheid, materiaalgebruik, automatisering en toekomstig hergebruik. “Juist daar zit de grootste winst. Je vertelt producenten niet hoe zij moeten produceren, maar je ontwerpt samen. Ook stemmen we projectoverstijgend af hoe we informatie uitwisselen, zodat de data geruisloos van ons bedrijfsbureau naar de fabriek gaan. Daardoor benut je hun kennis veel beter en ontstaat er een optimale samenwerking.”
Standaardiseren creëert juist vrijheid
Volgens Staal betekent industrialisatie ook niet dat alle woningen er hetzelfde uit hoeven te zien. Integendeel. “Door de basis slim te standaardiseren, hoeven we niet telkens opnieuw het wiel uit te vinden. Daardoor ontstaat juist ruimte om kwaliteit toe te voegen waar bewoners het merken: in architectuur, leefkwaliteit en een ontwerp dat past bij de omgeving.”
Ook de locatie van productie speelt daarbij een belangrijke rol. Door samen te werken met een netwerk van partners kan dichter bij de bouwplaats worden geproduceerd, wat transportbewegingen beperkt en de regionale economie versterkt. “Als we kunnen produceren in de regio waar gebouwd wordt, verlagen we de CO₂-uitstoot én versterken we tegelijkertijd de lokale maakindustrie. Transportkosten vormen een aanzienlijk deel van de kostprijs; dat wordt nog weleens onderschat.”
Voor Dura Vermeer is samenwerken daarmee geen strategische keuze, maar een vanzelfsprekend uitgangspunt. Als familiebedrijf investeert Dura Vermeer bewust in langdurige relaties, kennisinstellingen en innovatieve bedrijven.
Een verbonden maakindustrie als toekomst
Staal ziet de Virtual Factory daarom niet alleen als een oplossing voor de woningbouw van vandaag, maar ook als een fundament voor de circulaire bouwsector van morgen.
“Waarom zouden we steeds opnieuw iets ontwikkelen als een producent ergens in Nederland misschien al de beste oplossing heeft? Door kennis, productie en technologie met elkaar te verbinden, benutten we wat er al is.”
Volgens Staal ligt daarin de echte volgende stap van industrialisatie.
“De toekomst van de woningbouw wordt niet bepaald door wie de grootste fabriek bezit. De toekomst is aan partijen die weten samen te werken. Dáár zit de kracht van de Nederlandse bouw.”
Foto: mevrouw Dorien Staal, directeur Virtual Factory bij Dura Vermeer



